“Maar U bent heilig, U troont op de lofzangen van Israël”. (Psalm 22:4)
Wat is het soms, voor de dienst een kabaal in de kerk. Soms denk ik wel eens: Als de organist of de muziekgroep nu eens ineens zou stoppen met muziek te maken, wie zou in de kerk dan er bovenuit komen? Dat misschien een wat ondeugende gedachte, maar hij dringt zich bij mij wel regelmatig op. Wat doen we eigenlijk in de kerk? Ik begin met je aan een serie over onze ‘gewoonten’ in de kerk, of anders gezegd: De liturgie.
Dat is wel een vraag waard. Die vraag beantwoord je misschien ook wel minder eenvoudig als dat hij klinkt. Je kunt zeggen dat je voor de preek komt, maar is dat een Bijbelse gedachte? Dan kom je namelijk wel behoorlijk voor jezelf. Door de jaren heen ben ik op allerlei manieren echt wel verandert. Sommigen zeggen: “Hij is evangelisch geworden”. Hoewel ik die gedachte kan begrijpen, merk ik zelf veel meer dat ik ook de liturgie ben gaan waarderen. Ik ben opgevoed met een standaard liturgie, waar ik nooit over nadacht. En toen ik begon met preken ontdekte ik dat er zoveel onderdelen in een dienst zijn, die we wel doen, maar waarvan we maar weinig beseffen wat we doen.
Dat kabaal in de kerk, voor de dienst kun je ‘ontmoeting’ noemen, maar ik weet zeker als we daar zouden wachten op de binnenkomst van koning Willem Alexander die met een persoonlijke boodschap naar ons toe zou komen, dat wij er heel anders zouden zitten. Dan zit je in verwachting, ook wel een beetje gespannen, want er komt straks niet zomaar iemand de ruimte binnen. Hoe dichter het tijdstip nabij komt, hoe stiller we zouden worden. Sommigen zeggen dat de kerk Gods huis is. Dat is het niet, dat was in het Oude Testament zo, de tempel was Gods huis. Na de uitstorting van de Heilige Geest woont God in ons hart. De plaats van samenkomst is wel de plaats waar God wil werken en ook heel graag binnenkomt. Als Koning van Zijn Kerk.
Het is de plaats waar God Zijn intocht houdt. Met die gedachte zou je eens naar het eerste lied moeten kijken. Eigenlijk zou dat altijd een loflied moeten zijn, omdat God zegt dat Hij Zijn troon zet op onze lofzang. Door dat eerste lied heen, zingen we God naar binnen in de kerk. Hij houdt Zijn intocht bij ons. Natuurlijk blijft dat dubbel omdat waar twee of drie bijeen zijn, God in ons midden is. Tegelijk komt Hij ook binnen. Vaak noemen we dat eerste lied de voorzang. Dat komt uit de tijd van het leren van de schoolpsalm en deze psalm was dan het enige lied in de dienst waar de voorganger geen invloed op had. Liturgisch is het eigenlijk het intochtslied. En misschien moeten we vanuit ontzag en erkenning aan God dit zelfs staande doen. En als het daarna stil wordt, en God, als het ware Zijn troon op onze lofzang heeft gezet, dan spreken wij onze verwachting uit naar God.
Dan wordt het stil en klinkt het: Onze hulp is in de Naam van de Heer, Die hemel en aarde heeft geschapen, Die trouw is en nooit loslaat het werk dat Zijn hand is begonnen. Gecombineerde woorden uit de psalmen 121, 124, 138 en 146. We belijden onze totale afhankelijkheid van de God Die Zijn troon neerzet op onze lofzangen. Als je beseft dat dit staat te gebeuren, met welke houding en met welke gesprekken zit je dan in de kerk te wachten. Dat moet toch iets van spanningsvol afwachten zijn voor wat er staat te gebeuren. Dat moet toch nog groter zijn, dan dat een aardse koning binnen zou komen?
Opnieuw wordt het stil en namens God klinkt dan het antwoord op onze verwachting: “Genade en vrede voor jullie, van God de Vader, Jezus Christus Zijn Zoon en van de Heilige Geest”. God begroet je op dat moment. Hij reageert op onze verwachting, dat doet God altijd. Zo is Hij. Dat mag ons verwonderen, dat zou ons stil moeten maken, of misschien nog anders: We zouden nog een keer deze God moeten aanbidden om Wie Hij is. Er zijn gemeenten waar na de groet van God, de gemeente automatisch overgaat op het Klein Glorie. Dat is dan opnieuw een reactie op Wie God is: “Eer aan de Vader en de Zoon en de Heilige Geest, als in den beginne, nu en immer, en van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen”.
Dan moet je gewoon eens bedenken: Dan zijn we nog maar net begonnen. We zitten nog maar net en zijn er al hele grote dingen gebeurd. Dan is er iets gebeurt in het besef van het Heilige dat ons ontmoet en dat ons overkomt. Misschien is dit begin ook wel de kern waar het over moet gaan: God wil ons ontmoeten, Hij daalt af, opnieuw en telkens weer. Hij hoort ons en reageert, Hij reageert en wij worden stil. Stil van ontzag vanwege de ontzagwekkende majesteit van God, Die tegelijk in Christus je Vader is. U bent God, wij verhogen U!