"Toen God op de zevende dag Zijn werk, dat Hij gemaakt had, voltooid had, rustte Hij op de zevende dag van al Zijn werk, dat Hij gemaakt had." (Genesis 2:2)
In zes dagen schiep God de hemel en de aarde. Klopt dat? Ik denk het niet. Als dat zo was, hadden we een schepping gekregen die zou lijken op onze maatschappij, waar alles stopt zodra het werk klaar is en we dus altijd blijven werken. Maar God stopte niet op de zesde dag. Er kwam een zevende dag, en ook daar was God actief. Hij was alleen op een andere manier actief, maar toch schiep Hij iets. God schiep op de zevende dag rust. Tegelijk was dat de eerste dag van de mens. Dat is goed om te beseffen: God maakte de mens als laatste, maar gaf hem als eerste rust. God leert de mens leven vanuit de rust die Hij op de zevende dag schiep.
Vanuit het ‘zeer goed’ waarmee de zesde dag eindigt, begint God aan de rust van de zevende dag. Die rust is bijzonder. Wij raken moe van werken en soms zelfs moe van nietsdoen. Maar God is nooit moe, Hij takelt niet af en loopt Zichzelf nooit voorbij. Toch kiest Hij voor rust. Ooit zei iemand tegen mij, toen ik op zondag vakantiefoto’s online zette van een wandeling rond een meer op die dag: “Het is rustdag.” Dat klonk niet als een conclusie, maar als een veroordeling, alsof ik die dag niet had mogen genieten van Gods aanwezigheid in de schepping.
Maar rusten bij God is geen nietsdoen. Rusten bij God is genieten van dat wat zeer goed is. Hij was niet moe, daarom heeft rust bij Hem een andere dimensie: de dimensie van genieten dat tot rust leidt. Dat is iets om vaker te beoefenen: rusten door te genieten. Later gaf God daar wel regels bij — dat er op die dag niet gewerkt mocht worden — maar die regels ondersteunen juist het doel van rust: genieten van wat zeer goed is. God geniet van Zijn schepping en Hij is zo trots op Zijn werk dat Hij ons leert leven en werken vanuit datzelfde genieten.
Als je dat doet, leef je vanuit ontspanning én verwondering over wat je van God ontvangen hebt in de schepping. Dan hoef je niet te rennen, want alles wat er is, is er al. En trek je dat door naar Jezus, dan zie je hetzelfde principe terug. Jezus volbracht alles, en op de dag van Zijn opstanding begint de rust van de overwinning waaruit je mag leven. Alles is door God gedaan en gegeven. In dat besef is rennen niet meer nodig. Rusten wordt een actief onderdeel van Gods scheppingswerk. God schiep rust — voor Zichzelf en voor ons. Leef daar dan ook uit.